Straaljager crasht op Eindhovense woonwijk 22 september 1956

Een Lockheed T-33 straaljager van de Koninklijke Luchtmacht is neergestort op huizen aan de Zeelsterstraat en de Bergen op Zoomstraat in de stadswijk Strijp te Eindhoven. De vlieger, die in de Bergen op Zoomstraat woonde, is bij het ongeval om het leven gekomen, evenals een bewoner die zijn bromfiets schoonmaakte. 18 andere mensen raakten gewond, waarvan 9 zijn opgenomen, zeven huizen zijn totaal verwoest en acht anderen zijn zwaar beschadigd. Lees het Brandweer- en krantenverslag  en schadeoverzicnt.  Diverse foto's en filmpje. 

Nablussen naar de ramp. De bewoner J. Smulders  van Zeelsterstraat 162 van de toenmalige Spar kruidenierszaak kan gewoon in haar voordeur staan. In 1956 vielen de pannen nog niet.
Foto van (Peter) P.F.G.H. Snellen / Historische Collectie van Brandweer Eindhoven  Huidige situatie  zie foto onderaan.

Militaire straaljager richt grote
schade aan in de gemeente Eindhoven
22 sept 1956 [Brandweerverslag]

Toen op zaterdag 22 september j.l. te I3.30 uur de telefonische melding op de centrale binnenkwam dat er een straaljager in het dichtbevolkte stadsdeel Strijp was neergestort, kwam dit bericht — niettegenstaande wij al jaren rekening houden met een dergelijk gebeuren — als een grote verrassing, te meer daar er op dat moment buiten de activiteit van enige zich op zeer grote hoogte bevindende vliegtuigen niets bijzonders was waargenomen.
In de laatste jaren hebben er reeds aan alle kanten van de stad noodlandingen en valpartijen — zowel met als zonder dodelijke afloop voor de piloten— plaatsgevonden. De voor de hand liggende reden hiervan is dat de militaire vliegbasis Welschap zich praktisch tegen de Z.W.-kant van de stad bevindt, zodat bij het starten en landen veelal laag over dat bewoonde stadsdeel moet worden af en aan gevlogen.
Hoewel de gemeente Eindhoven er dus — de oorlogshandelingen van 1940—1945 met medegerekend — nog steeds goed was afgekomen, heeft zich nu dan een ramp voltrokken welke door menigeen al jarenlang werd gevreesd. En zolang er straaljagers boven en om Eindhoven zullen vliegen bemand met ervaren, rustige maar door hun jeugdige leeftijd soms overmoedige bravoure-piloten, dienen wij — en alle gemeenten die in dezelfde omstandigheden verkeren — terdege met het gevaar van het neerstorten der machines rekening te blijven houden.

Nu dan de feiten zoals die zich hebben voltrokken.

Tegen 13.30 uur kwam er een Lockheed T 33 straallesvliegtuig zeer laag over bovengenoemd stadsdeel aangevlogen. Hierbij kwam het toestel in aanraking met een televisie-antenne aan de Zeelsterstraat, waarna het zijn vernielend en brandend spoor door een aantal woningen trok.
Als een vuurbal schoot de machine — alles vernielend wat zij op haar laatste gang tegenkwam — nog ongeveer 250 meter door. Witgloeiende brokstukken vlogen daarbij in het rond; brandende kerosine werd over huizen, schuurtjes en tuinen uitgestrooid. Een spoor van verzengend vuur leidde vanaf het aanrakingspunt naar een rij huizen in de Bergen op Zoomstraat. Daar kwamen de laatste resten van de machine neer.
In de Zeelsterstraat en de Bergen op Zoomstraat werd een vijftiental woningen deels door brand en brokstukken geteisterd. De verwarring was op dat moment groot; mensen stormden uit hun huizen, niet begrijpend wat er had plaats gevonden en danig van streek door het enorme lawaai waarmee het vliegtuig was te pletter gevlogen. Toen echter de grootste paniekstemming voorbij was, bleek dat de bevolking als door een wonder voor een grote catastrofe was behoed, tenminste voor zover betrof het aantal doden.
De ongelukkige piloot (Arie de Jong) en een 48-jarige burger (J. G. Kortooms) waren om het leven gekomen. Daarnaast werd een 20-tal personen min of meer ernstig gewond. In luttele seconden had zich dit drama voltrokken.
Enkele minuten na de eerste melding arriveerden op de plaats van de ramp:
2 hogedruk nevelblusvoertuigen — elk met een capaciteit van 500 liter per minuut.
2 ladderwagens
1 commandowagen
1 materieelwagen

Dit materieel werd na het binnenkomen van het 1e N.B. ,,grote brand-hulpverlening aan vele slachtoffers” aangevuld met:
1 lagedruk bluseenheid klein vermogen (K.V.).
2 lagedruk bluseenheden groot vermogen (G.V.).

Gelijktijdig werd de brandweer van Philips om assistentie van een bluseenheid verzocht, aangezien verwacht kon worden dat door de op dat ogenblik plaatshebbende bevrijdingsfeesten niet snel over aanvulling van de vrij van dienst zijnde beroepsmanschappen — die inmiddels waren gealarmeerd — kon worden beschikt.
Nadat bij aankomst ter plaatse het eerst verschenen materieel was gesplitst, bleek dat er in de Bergen op Zoomstraat door de brandweer der vliegbasis reeds de brandbestrijding met gebruikmaking van luchtschuim was aangevangen. Dit laatste behoeft geen bevreemding te verwekken aangezien het rampterrein zich zeer dicht nabij het vliegveld bevond en men vanaf de verkeerstoren al een en ander had waargenomen.
Snel werden daarop door alle aanwezige manschappen — met uitzondering van de chauffeurs — de deels brandende en zwaar beschadigde huizen verkend en werd gezocht naar nog eventueel te redden slachtoffers. Toen bleek dat zich geen personen meer in de objecten bevonden, namen te 13.45 uur de blussingswerkzaamheden onmiddellijk een aanvang.
Daar diverse brandhaarden moeilijk of niet van binnenuit waren te bereiken in verband met de aanwezigheid van geheel afgesloten vlieringen, hetgeen het blussingswerk enigszins belemmerde, konden de branden tegen 15.00 uur als bedwongen worden beschouwd. De bewaking en nablussing, evenals het provisorisch herstel van enige zwaar beschadigde huizen, hebben hierna tot 24.00 uur geduurd.

Als bijzonderheid dient nog te worden vermeld dat de laatste 200 meter van de heenrit naar de rampplaats stapvoets moest worden gereden, daar ontzaglijke mensenmenigten, voetgangers zowel met als zonder fiets, bromfietsen en auto’s de aanrijwegen versperden. Bij aankomst werd van alle kanten goede zowel als kwade hulp geboden en was er vrij spoedig geen sprake meer van een paniekstemming.
Hulpverlening op grote schaal werd zowel van militaire, gemeentelijke als individuele zijde geboden.
De voornaamste oorzaak die het hulpverlenings- en brandbestrijdingswerk bemoeilijkte was dat men niet te doen had met een groot aanvalsobject, maar met een aantal verspreid liggende grote en kleine vuurhaarden die ten spoedigste onderdrukt moesten worden.

Van zeer groot belang was dat, met inschakeling van de mobilofooninstallatie vanuit de commandowagen, zowel met de verspreid ingezette bluseenheden als met de centrale in de kazerne contact kon worden opgenomen, zodat, alvorens de objecten in hun geheel konden worden overzien, het commando reeds in de eerste minuten een indruk kreeg van de omvang der catastrofe.
Een aantal beginnende oppervlaktebranden was van weinig betekenis; vele daarvan waren reeds door de bewoners zelf geblust. De daarnaast aanwezige flinke uitslaande branden konden snel worden bedwongen met de inzet der H.D. neveltankwagens. Hier is weer eens temeer gebleken, alhoewel wij er al lang van overtuigd waren, dat dergelijke bluseenheden ideaal te noemen zijn als vooruitgeschoven eenheden in B.B.- verband. Aan de lopende band konden nu diverse gevallen worden afgewerkt, zonder dat dit moeilijkheden gaf voor het eventueel verplaatsen der voertuigen.
Hulp voor het meelopen der aanvals- en vulslangleidingen was er genoeg bij de hand — en logisch is dan ook dat de opstelling van dergelijke eenheden niet aan een bepaalde waterwinplaats gebonden behoeft te zijn.
Aangezien zoals reeds werd opgemerkt het hier dus geen grootscheepse gezamenlijke aanval betrof, die vanuit de commandowagen via mobilofoon en versterker werd geleid, kon deze wagen derhalve veelvuldig voor andere diensten worden benut.
Zo konden o.a. berichten worden omgeroepen betreffende vermiste en gewonde personen, over evacuatie, opslag inboedel, het bekend maken van gevaarlijke situaties etc., etc.
Met waardering zij vermeld dat men van militaire zijde alles heeft gedaan om de getroffenen te hulp komen.
Door deze grootscheepse hulp waren de inboedel van alle daarvoor in aanmerking komende gezinnen om 18 uur in een hangar van het vliegveld terwijl de dakloze gezinnen op hun verhaal konden komen in de beschikbaar gestelde officiersmess van de vliegbasis.

De afzetting van de straten onmiddellijk na de ramp leverde grote moeilijkheden op. Immers er diende rekening mede gehouden te worden dat verschillende na de brandweer komende hulpverlenende voertuigen snel de rampplaats moesten kunnen bereiken, terwijl gelijktijdig een oogje in het zeil gehouden moest worden op de in de gehele omgeving naar buiten gebrachte inboedels.
Juist in de week van 16 t/m 22 september 1956 vierde men in Eindhoven het bevrijdingsfeest.
Op wel heel trieste wijze werd de bevolking weer even geconfronteerd met de afschuwelijke gebeurtenissen van de afgelopen oorlogsjaren.
Op deze bewuste zaterdag stonden er diverse feestelijkheden op het programma, o.a. een stadsloop en een bloemencorso. Het gehele politieapparaat had de handen vol een en ander in goede banen te leiden.
Zodoende kon er niet op de anders zo grootscheepse en snelle hulp van dit apparaat gerekend worden. Echter na een beroep gedaan te hebben op de vliegbasis, kwamen er al snel enige voertuigen met militairen om gezamenlijk met de aanwezige politie voor de afzetting zorg te dragen.

Over de brandbestrijding op zichzelf is weinig te vermelden.
Er zijn door de Eindhovense brandweer 8 nevel- en 1 lagedrukstraal ingezet waarbij circa 14 m3 water werd verbruikt en ook nu weer bleek dat de brandende kerosine voor wat betreft de blussing geen moeilijkheden opleverde. In dit verband kan nog worden medegedeeld dat de straaljager op het moment van de ramp ongeveer 2000 liter kerosine aan boord moet hebben gehad.
Voorts werd speciale aandacht geschonken aan branden die gevaar voor uitbreiding konden opleveren. Het is dan ook tenslotte grotendeels gebleven bij enige zwaar getroffen huizen.
De vliegbasis-brandweer heeft op enige  oppervlaktebranden gewerkt met luchtschuim en heeft daarbij 160 liter schuimvormende vloeistof verbruikt; daarna kwam zij assisteren bij de inzet van de nevelstralen.

Na de brandbestrijding diende er nog veel werk te worden verzet, in verband met het weer bewoonbaar maken van diverse getroffen huizen, zoals gedeeltelijke ontruiming en afdekking der daken met zeilen.
Van deze plaats dient vooral dank te worden gebracht aan de Philip’s brandweer die zowel voor de blussings- als daarna bij de herstelwerkzaamheden zeer verdienstelijk werk heeft geleverd.
Voor zover bekend bedraagt de totale bouwschade der getroffen percelen: f 150.000,—.

Opgemerkt zij hier nog dat in opdracht van Zijne Excellentie Minister Staf — die nog op dezelfde zaterdag ter plaatse verscheen — de wederopbouw op fenomenale wijze ter hand is genomen, zodat weer spoedig diverse gezinnen intrek in hun herstelde huizen konden nemen.

Conclusie
1 Het moet uitgesloten worden geacht dat snel (en daar komt het bij dergelijke gebeurtenissen op aan) en doelmatig hulp kan worden verleend, indien niet alle diensten en personen die qua hun functie eventueel kunnen of moeten worden ingeschakeld, voor elk moment — dus ook des zaterdags en zondags, of na werktijd — een program opmaken vermeldende hoe in dergelijke gevallen moet worden gehandeld, welke personen er ingeschakeld dienen te worden, welke materialen er nodig kunnen zijn enz.
2 Men moet de schuimblussing niet zien als de bestrijding van kerosinebranden in en op woonhuizen, maar men dient deze achter de hand te hebben — voor het geval men ermee te maken kan krijgen —- tegen normale of abnormale vliegtuigbranden.
3 Men moet de afzetting der terreinen of straten flink
ruim nemen — speciaal voor de hulpverlening op grote schaal — daar, indien men dat niet terstond doet, het later wel eens zeer moeilijk kan worden de duizenden toeschouwers verplaatst te krijgen.
4 De ramp in Eindhoven is, uit brandweertechnisch oogpunt bezien, betrekkelijk gunstig verlopen.
Men bedenke echter dat soortgelijke calamiteiten, wanneer die in woonwijken met hoogbouw en bij duisternis plaats vinden, veel moeilijker te bestrijden zullen zijn.
5 Een geluidswagen met versterkerinstallatie van behoorlijke capaciteit is als centrale post, bij gebeurtenissen als vooromschreven, onmisbaar. 
Bron: Tijdschrift B.B. en B.Z.B De vierde macht, 6e jrg. nr. 1 januari 1957, Auteur; J.G. Niemand wnd commandaat  der gemeentelijke brandweer Eindhoven.

Neerstortend vliegtuig zaait dood en verderf in Eindhoven
de Tijd van 24 september 1956 [ Voorpagina nieuws in dagblad de Tijd]

Twee doden, twintig gewonden; zestien woningen vernield. Hulp en steun voor daklozen

(Van onze correspondent)
Als een gloeiende meteoor is zaterdagmiddag een militair vliegtuig, een Lockheed T 33 straallesvliegtuig van de vliegbasis Volkel op het stadsdeel Strijp te Eindhoven neergestort, daarbij in zijn vernietigende vaart en vlammende hitte zestien woningen grotendeels vernietigend.


Het mag een wonder heten, dat naast de piloot, de 24-jarige sergeant-vlieger A. de Jong uit Eindhoven, slechts één burger, de 48-jarige gehuwde kelner J. Kortooms, vader van een groot gezin, bij de ramp om het leven kwam. Weliswaar werden circa twintig personen, waaronder verscheidene kinderen, gewond en kregen ettelijke personen een shock, doch geen van hen verkeert in levensgevaar; de meeste gewonden konden na in het Binnenziekenhuis verbonden te zijn, weer naar huis worden gezonden. De piloot van het straalvliegtuig heeft kennelijk zijn vrouw willen groeten. Het echtpaar, dat pas sinds enkele maanden is gehuwd, woonde in de straat waar het toestel is neergestort. Het was tegen kwart voor twee, dat uit zuidoostelijke richting het rampvliegtuig naar beneden schoot, recht naar de dicht bewoonde omgeving van de St. Theresiakerk. Ooggetuigen verklaarden ons later de indruk te hebben gekregen, dat de piloot op het laatste moment nog gepoogd heeft zijn machine op te trekken. Het feit, dat delen van de tip tanks zijn teruggevonden op enige afstand vóór het eerste huis, dat geramd werd, zou een bevestiging van deze indruk kunnen zijn. Hoe dan ook, het vliegtuig kwam zo laag boven de Zeelsterstraat, dat het in aanraking kwam met een televisie-antenne, welke op het dak van pand 158 stond.
Daarop sloeg het een stuk van het dak en van de zijgevel weg van het aangrenzende huis dat bewoond werd door het gezin Slabbers. En daarmee begon de ravage. De machine schoot verder, sloeg de bovenverdieping van de winkel van H. Smulders weg en boorde zich door het dak van de volgende woning, bewoond door de weduwe Smulders, het gezin v. Gemert en het gezin Jet Smulders, man en vrouw; deze laatst en waren echter geen van beide thuis. Toen de man omstreeks drie uur thuis kwam wist hij nog niet dat hij dakloos was geworden.
In de aangrenzende woning zat de bewoner J. Beumers in de voorkamer de krant te lezen; hij voelde een zware schok en hoorde daarna het geluid van een geweldige ontploffing, naar hij ons later verklaarde. Hij rende naar buiten en zag dat het dak van zijn huis op de achterplaats was gevallen, over zijn 4-jarig kind heen, dat daar in een badje zat;" de kleine had -slechts 'enkele schrammetjes opgelopen. Meteen sloegen de vlammen van brandende kerozine uit het huis, dat geheel uitbrandde, evenals de daaraan grenzende woning van het gezin v. d. Pijl, terwijl de volgende woning van het gezin Goudsmit brandschade kreeg en de daarnaast gelegen woning van bet gezin Hofman behoorlijke averij.
Over een aantal achtertuintjes heeft het nu brandende vliegtuig met stukken en brokken in schuine richting de aan de Zeelsterstraat parallel lopende Bergen-op-Zoomstraat bereikt. De kelner Kortooms, die op de achterplaats van zijn woning zijn bromfiets aan het nakijken was, is waarschijnlijk door een stuk van het vliegtuig getroffen; hij werd op grote afstand weggeslingerd en later dood aangetroffen.

De ravage, welke hier werd aangericht, was niet minder erg dan aan de Zeelsterstraat. Betrekkelijk weinig beschadigd was de woning van het gezin Herwijnen, de volgende panden echter kregen het zwaarder te verduren. Hier ontstond ook brand. De woningen van de gezinnen Gruythuizen,' v. d. Hurk en de weduwe Lagarde gingen grotendeels in vlammen op, terwijl de woning van het gezin v. d. Broek geringe brandschade kreeg. De piloot werd in zijn schietstoel verkoold teruggevonden op de achterplaats van de woning bewoond door het gezin v. Beek. Hier was de motor van het toestel door de muur geslagen en vervolgens door een binnenmuur terecht gekomen op de slaapkamer de aangrenzende woning, die door de bewoners ontruimd moest worden wijl het gevaar dreigde, dat de zware motor door de vloer naar beneden zou vallen. Een vleugel van het vliegtuig kwam enkele huizen verderop terecht, waar een gat in een muur en het dak de schade was.

Na de ramp kwam in een minimum van tijd van alle kanten hulp opdagen.
Burgers snelden toe om uit de brandende woningen te redden wat mogelijk was en zich over de gewonden te ontfermen. Er waren heel wat personen, die brand- en scherfwonden hadden opgelopen, enkelen liepen rond met een shock. Op de verkeerstoren van de 2e tactische vliegbasis Eindhoven had men de manoeuvres van het vliegtuig opgemerkt, ofschoon men daar geen contact mee had gehad. Onmiddellijk werden de brandweer der basis en hulppersoneel naar van ramp gedirigeerd. De gemeentebrandweer arriveerde met zes wagens, terwijl ook de Philips brandweer werd opgeroepen. Energiek pakten de brandweerlieden het vuur aan, dat niet alleen in de woningen maar ook in een aantal schuurtjes achter de getroffen woningen woedde.
In betrekkelijk korte tijd was het vuur met behulp van de neveltankwagens, leiding van de wnd. commandant Nieman bedwongen. Inmiddels waren ook ambulancewagens, zowel van de gemeente Eindhoven als van de vliegbasis aangekomen om de gewonden naar het Binnenziekenhuis en het Diaconessenziekenhuis over te brengen en het stoffelijk overschot van de twee doden weg te voeren.
Later is met de opruimingswerkzaamheden begonnen, waarbij de BB-blok-ploeg een wel zeer reële oefening kreeg.
Behalve militairen hielpen ook verkenners, padvinders en burgers dapper mee. De inboedels werden, voorzover deze gered waren, op grote wagens van Philips en de luchtmacht geladen en afgevoerd naar hangars op het vliegveld

De schadecommissaris van het ministerie van Oorlog ging de getroffen gezinnen af om hen gerust te stellen inzake de schadevergoedingen. De getroffen gezinnen werden grotendeels ondergebracht in de officiersmess op de vliegbasis en in de logeerruimte van het kamp Beatrix aan de Oirschotsedijk; de overigen namen onderdak bij familie of vrienden.
De commandant van de vliegbasis Volkel, kolonel Berlijn verscheen op de plaats van de ramp en later arriveerde ook de commandant van de vliegbasis Eindhoven, kolonel Van Rest, die ijlings uit Duitsland was teruggekeerd. Tegen de avond bracht minister Staf, die per vliegtuig op de basis was aangekomen en daar door burgemeester mr. Kolfschoten was afgehaald, ook een bezoek aan de geteisterde straten.
Zondagmorgen arriveerde de chef luchtmachtstaf, generaal Baretta, die zich met de bewoners van de getroffen huizen onderhield en de aangerichte verwoestingen in ogenschouw nam; ook bracht hij een bezoek aan de nabestaanden der twee dodelijke slachtoffers.

Achteraf gezien is het welhaast een wonder te heten, dat de ramp behalve de piloot zelf niet meer dan één dode heeft geëist. In het Diaconessenziekenhuis worden momenteel twee gewonden verpleegd, moeder en dochter Vos uit de Zeelsterstraat. In het Binnenziekenhuis zijn opgenomen de 20-jarige Th. Linnemans, de 17-jarige Ch. Herwijnen, de 23-jarige J. v. Beek-v. Hout, de tienjarige M. Kuypers, allen uit de Bergen op Zoomstraat en de 24-jarige F. Hoffman, de 7-jarige J. Hoffman en de heer Blankers uit de Zeelsterstraat. Circa 15 personen konden, na in het Binnenziekenhuis verbonden te zijn weer terugkeren.

Zondagmorgen om 6 uur zijn de opruimingswerkzaamheden voortgezet. In in de loop van de dag heeft te Eindhoven een conferentie plaats gehad, waarbij vertegenwoordigers van de genie, het ministerie van oorlog en de Babov aanwezig waren. Het ligt in de bedoeling met het herstel der huizen zo snel mogelijk een aanvang te maken. Er is een regeling getroffen, dat de slachtoffers tegemoet worden gekomen door de Dienst van Sociale Zaken der gemeente Eindhoven om te kunnen voorzien in de allereerste behoeften.
Duizenden personen zijn zaterdag en zondag naar de plaats van de ramp gaan kijken voorzover de afrasteringen dat toelieten. In verband met de ramp is zaterdagmiddag het Bloemencorso zonder muziek door de stad getrokken.
„Wat al zoveel jaren gevreesd werd is nu dan gebeurd," zo hoort men thans in Eindhoven zeggen. Sinds de luchtmacht zich op Welschap heeft gevestigd en de vliegtuigen vrijwel elke dag boven de stad ronken is bij een groot deel van de bevolking angst ontstaan voor het neerstorten van een machine.
Vooral in Strijp is men slecht te spreken over de vliegbasis, die daar dicht bij ligt. Herhaaldelijk zijn stemmen opgegaan tegen het laag vliegen van toestellen.
Nu heeft de ramp van zaterdag letterlijk niets met de vliegbasis Eindhoven te maken. Dat verhindert evenwel niet, dat thans weer luider onsympathieke uitingen over de vliegbasis te horen zijn, ofschoon men anderzijds vol waardering is voor de wijze, waarop de mensen van de basis zich bij de ramp hebben geweerd. [Bron: Delpher.nl]


Toelichting bij de bovenstaande foto’s  
1. Op de voorgrond het aanrakingspunt Zeelsterstraat. Midden boven de plaats waar het grootste gedeelte der wrakstukken terecht kwam.
De bestrating was opengebroken waardoor moeilijke ladderopstelling
2. Aanzicht Zeelsterstraat, Eindhoven
3. Aanzicht achterzijde Bergen op Zoomstraat, Eindhoven
4. Toegepaste schuimblussing op brandende kerosine
Foto's hieronder
5. Overal werd ,,hulpverleend
6. Overal publiek. Op de voorgrond een in ,,reserve” gehouden R.A.F. tankwagen
7. Drukte nabij de commandowagen. Op het linker dak de geschroeide plek welke de fel brandende kerosine heeft achtergelaten
8. Aanvalsstralen in de zwaar getroffen huizen, in de achterste woningen is de ontruiming nog in voile gang.

Overzicht schade

Zeelsterstraat 136. Bewoner: J. Verbeek. Schade: Alleen achter- ruit stuk.
Zeelsterstraat 158. Bewoner: B. Kers. Schade: Nokpannen, ruiten, televisiemast.
Zeelsterstraat 160. Bewoner: J. Slabbers. Schade: Dak geheel vernield (voornamelijk instorting). Waterschade. ruiten vernield. Brandschade heel weinig.
Zeelsterstraat 162. Bewoner: J. Smulders (kruidenierszaak). Schade: Zolderverdieping uitgebrand. Verdieping: op enkele kamers veel brandschade. Begane grond voornamelijk waterschade.
Zeelsterstraat 164. Bewoner: Wed. v. Gemert. Schade: Geheel uitgebrand.
Zeelsterstraat 166. Bewoner: J. Bomars. Schade: Geheel uitgebrand.
Zeelsterstraat 168. Bewoner: H. v. d. Pijl. Schade: Kap en zolder uitgebrand. Verdieping waterschade.
Zeelsterstraat 170. Bewoner: N. Goudsmit. Schade: Dak aan voorzijde ingestort.
Zeelsterstraat 172. Bewoner: F. C. J. Hoffman. Schade: Voornamelijk pannenschade.
Zeelsterstraat 174. Bewoner: M. J. Z. v. d. Velde. Schade: Achterkant door brand getroffen (kleine schade).

Bergen op Zoomstraat 61. Bewoner: J. Kortooms (hoofdbewoner). Nevenbewoner H. v. d. Linden. Schade: Schuur uitgebrand. Dakpannen eraf. Hoofdbewoner J. G. Kortooms verbrand.
Bergen op Zoomstraat 63. Bewoner: M. Th. v. Herwijnen. Schade: Schuur uitgebrand. Dak achter grotendeels verbrand. Ruiten stuk.
Bergen op Zoomstraat 65. Bewoner: L. v. d. Broek. Schade: Schuur uitgebrand. Dak achter grotendeels verbrand. Binnen boven uitgebrand.
Bergen op Zoomstraat 67. Bewoner: Gruithuijzen (schilder). Schade: Achterkant geheel uitgebrand. Schuur en werkplaats uitgebrand.
Bergen op Zoomstraat 59- Bewoner: v. d. Hurk (2). Schade: Zie Bergen op Zoomstraat 67.
Bergen op Zoomstraat 71. Bewoner: Lagarde hoofdbewoner. Nevenbewoner v. Mierlo. Schade: Schuur uitgebrand. Veel waterschade. Huis gedeeltelijk vernield (achter).
Bergen op Zoomstraat 81. Bewoner: F. C. v. Beek en P. H. Dielissen. Schade: Het gehele gebouw ontzet en bouwvallig (toestel tegen aan gevlogen).
Bergen op Zoomstraat 83. Bewoner: J. M. Razins. Schade: Idem als 81 (motor binnen).
Bergen op Zoomstraat 83. Bewoner: P. Kersjens (sigaren-winkelier). Schade: Achterzijde vernield (landingsgestel binnen). Ruiten en muziekinstrumenten vernield.
Bergen op Zoomstraat 87. Bewoner: P. A. Tegelaars. Schade: Dak vernield 30 m2. Zoldervloer 4 m2 verbrand. Ruiten stuk.
Bergen op Zoomstraat 8g. Bewoner: Wed. v. Kerkhof-Kortooms. Schade: Dak beschadigd.

okt 2016  - 22 september 1956

Zeelsterstraat

De schade aan de woning 162 (witte voordeur) voorheen kruidenierszaak is niet meer te zien.
Zeelsterstraat 160. (zonnecellen op dak) Bewoner: J. Slabbers. Schade: Dak geheel vernield (voornamelijk instorting). Waterschade. ruiten vernield. Brandschade heel weinig.
Zeelsterstraat 162. Bewoner: J. Smulders (kruidenierszaak). Schade: Zolderverdieping uitgebrand. Verdieping: op enkele kamers veel brandschade. Begane grond voornamelijk water¬schade.
Zeelsterstraat 164. (donkere voordeur) Bewoner: Wed. v. Gemert. Schade: Geheel uitgebrand.
Zeelsterstraat 166. (niet op deze foto) Bewoner: J. Bomars. Schade: Geheel uitgebrand.